Het land bestaat uit 76 provincies.
Het land op de kaart wordt gezien als de kop van een olifant.
De bevolking vindt dat de olifant hun teken is.
In Thailand zijn er 3 seizoenen de temperatuur tijdens het
regen seizoen is rond de 30 graden en in de zomer is het een beetje warmer.
Eten:
De Thaise keuken is heel pikant en ze eten veel rijst.
School:in de basisschool zingen ze eerst het volkslied en
in het middelbaar krijgen ze de eerste tien minuten les over het huishouden.
Huis: er zijn ook paalhuizen die steunen op houten balken zo
dat als er een overstroming is het water niet in het huis komt.
De naam voor het geld uit Thailand is baht.
Aan de voorkant staat de koning aan de achterkant
staat een afbeelding van een olifant.
-Het Thai boksen is iets heel typisch. Als er een beroemde wedstrijd wordt gespeeld dan is er bijna niemand op straat.
-Dan heb je nog de drijvende markt. Om dingen te kopen moet je in een bootje stappen.
-De bevolking vind dat olifanten een teken van Thailand zijn en de mensen rijden ook soms op olifanten. Vroeger werden ze gebruikt als last dieren. Maar nu is dat niet meer nodig. Dus ze leren de olifanten schilderen, pootjes geven…
Thailand krijgt vaak de naam‘het VenetiĆ« van het Oosten’ want het was vroeger vol waterkanalen. Thailand werd ook nooit gekoloniseerd (het was dus nooit een stukje van een ander land).
Thailand heeft heel veel openbaar vervoer.
Ze hebben bussen,vervoer over water en tuctuc’s.
Dat zijn wagentjes die 3 wielen hebben.
95% van de bevolking zijn Boeddhisten.
De Monniken (dat zijn mensen die leven voor de Boeddhisme) dragen een pij, dat is een oranje kleed en ze worden kaalgeschoren. Monniken krijgen geen eten in de tempels waar ze wonen. Ze moeten ervoor bedelen. Het hoofd is een heilig lichaamsdeel en daarom mag niemand het aanraken. Het meest vereerde beeld is de smaragden Boeddha. Het beeld draagt elk seizoen een ander kostuum : in de zomer een kroon en juwelen,in de winter een gouden sjaal en tijdens het regenseizoen draagt hij een pij en een hoofdtooi.
90% van het volk spreekt Thais. Er zijn 5 dialecten in deze taal. Hun alfabet bestaat uit 44 medeklinkers en 26 klinkers, maar er zijn ook een heleboel samenstellingen. Het woordje ‘ma’ heeft wel 5 verschillende betekenissen want je kan het op verschillende toonhoogtes uitspreken.
-Thailand heeft heel veel last van luchtvervuiling, dat kom door het vele verkeer in Bangok.
-Ze hebben nog een groot probleem. Er is veel illegaal gekopieerd materiaal, het gaat dan vaak over software, films of cd’s.
-Dan het laatste probleem de prostitutie, Thailand heeft veel sekstoerisme. Er is vrouwenhandel en kindermisbruik en daarom krijgt het een beetje een slechte naam.
De politiek is nu vernieuwd want ze werken eindelijk met verkiezingen.
De koning is Rama IX. Hij wordt heel erg gerespecteerd,
b.v het volkslied wordt 2 keer per
dag op de radio afgespeeld. Ook in de bioscoop: voor de film
begint wordt het volkslied afgespeeld, dan gaat iedereen rechtstaan.